• DIY

    Knitting the Bernadette Vest

    Het afgelopen jaar ben ik meer en meer gaan breien en haken. Ik vond het al veel langer leuk om te doen, maar ik geraakte nooit echt verder dan een simpele sjaal. Dankzij de grootmoeder van mijn vriend heb ik geleerd hoe ik een vest moet breien en ben ik zelf ook meer gaan experimenteren met breipatronen. In dit artikel laat ik je mijn zelfgemaakte bernadette-vest zien en vertel ik er wat meer over!

    This past year I’ve been knitting and crocheting more and more. I had been making some things for a logner time, but I never got further than an easy scarf. Thanks to my boyfriend’s grandmother I learned how to knit a vest and I started experimenting with knitting patterns more myself. In this article I’ll be showing you the ‘bernadette’ vest I knitted myself and I’ll be telling you a little bit more about it!

    Er circuleren op het internet veel artikels waarin wordt uitgelegd hoe je een bernadette-vest (zo’n losse, gezellige vest) moet breien. Ik heb zelf niet echt een patroon gevolgd en ik denk ook niet dat dat noodzakelijk is – zorg er natuurlijk wel voor dat je breiwerk symetrisch is ;). Ik gebruikte als voorbeeld voor mijn vest een andere vest die ik had geleend van de grootmoeder van mijn vriend. Zij had al veel zulke vesten gebreid en zo kon ik makkelijk zelf de steken natellen en omrekenen naar de dikte van mijn wol en breinaalden. Kort uitgelegd ziet mijn patroon er zo uit: het achterpand is gewoon een rechthoek, gebreid in tricotsteek (afwisselend een priem rechts en een priem averechts) en met een eenvoudige boordsteek (afwisselend één steek rechts, één steek averechts). De voorpanden gaan ook gewoon recht omhoog, maar bovenaan heb ik om de zoveel priemen een steek geminderd om een mooiere halslijn te maken. Hier heb ik aan de losse zijde ook een boordje toegevoegd (één priem rechts, één priem averechts). De mouwen ben ik aan de schouders begonnen en ben ik om de paar priemen één steek aan de twee buitenkanten geminderd. Hoeveel je moet minderen moet je een beetje zelf uitrekenen, want dat hangt natuurlijk af van je wol en breinaalden. Zoals je merkt heb ik de voorpanden niet geminderd aan de schouders waardoor mijn schouders iets lager hangen. Dit leek me het makkelijkst om mee te beginnen, aangezien ik aan de binnenkant van de voorpanden ook al goed moest tellen.

    On the internet you can find a lot of articles that explain how to knit a ‘bernadette’ vest (a loose-fitting cosy vest). I didn’t really follow one of those patterns and I don’t think it’s necessary – but do make sure your knitted piece is symmetrical ;). I used another vest made by my boyfriend’s grandmother as an example. She had knitted a lot of those vests before and this way it was easier for me to count the stitches and to convert them to the size of my yarn and needles. This is basically what my pattern looked like: the back is simply a rectangle knitted in stockinette stitch (alternating between one knit row and one purl row) and with a simple ribbing (alternating one knit and one purl stitch). The front panels also go up straight but at the top I decreased one stitch every couple of rows to create a nicer neckline. I also added a ribbing to the edge (alternating one knit and one purl row). I started knitting the sleeves at the shoulders and I decreased every couple of rows one stitch at the outside. You kind of have to find out how many stitches you have to decrease by measuring everything. It all depends on the thickness of your yarn and needles. As you can see I didn’t decrease my front panels at the shoulders so the shoulders hang a bit lower. This seemed like the easiest thing to do because I already had to count how many stitches I would decrease on the inside.

    Dit is niet de eerste vest die ik heb gemaakt. Ik heb vorig jaar ook al een iets langere variant gebreid, maar die ziet er helaas niet zo symmetrisch uit als deze. Mijn raad is dus om vooral veel te oefenen en niet meteen op te geven als je niet helemaal blij bent met het resultaat. Breien is niet makkelijk als je er net mee begint, maar je leert het meeste uit je eigen fouten. En zelfs als je al meer ervaring hebt kan je nog regelmatig fouten maken, ik heb laatst een want gebreid die meer het formaat ‘ovenwant’ heeft. Een proeflapje breien en steken natellen kan soms heel handig zijn 😉

    This isn’t the first vest that I knitted. Last year I also knitted a slightly longer one, but that didn’t turn out as symmetrical as this one. My advice to you would be to keep practising and definitely not give up, even if you’re not entirely happy with the result. Knitting isn’t easy when you first start with it, but you’ll learn from your own mistakes. And even if you’re a bit more experienced you can still make mistakes: I knitted a pair of mittens a while ago that are more the size of oven mitts. Knitting a test piece and counting your stitches can be quite convenient sometimes 😉

    Op deze foto zie je een paar wanten dat ik voor mezelf maakte. Ik heb het patroon van deze blog, en heb het dan zelf een beetje aangepast naar de dikte van mijn wol & naald. De letter heb ik er nadien op geborduurd en ik vind dat het er zo gepersonaliseerd heel leuk uitziet. Ik heb wel gemerkt dat er nog een fleece in moet worden genaaid omdat deze laag alleen niet echt warm genoeg is.

    On this picture you can see a pair of mittens that I knitted for myself. I got the pattern from this blog, and I adapted it a little to the size of my yarn and needles. I embroidered the letter on it afterwards and I love the way it looks when it’s personalized. I did notice that I have to add a piece of fleece lining to the inside because this layer on its own isn’t quite warm enough.

  • Makeup

    Ardell Lashes: The Demi Wispies

    Ik dacht altijd dat valse wimpers niet aan mij besteed waren. De paar (goedkope) sets die ik hal had uitgeprobeerd waren te opvallend, bleven niet goed zitten, of waren gewoon één groot geklungel. Ik vind ze altijd wel prachtig staan bij een retro look en daarom wou ik ze nog één kans geven. Bij Kruidvat kwam ik deze nepwimpers van Ardell tegen: ben ik er even onhandig mee als met al die andere wimpers? Of kon ik dit paar wel netjes aanbrengen?

    I always thought fake eyelashes weren’t for me. The couple of (cheap) sets I had tried out were either too obvious, didn’t stay on well or were just one big mess. I do always like the way they look with retro makeup so I wanted to give them one more chance. At Kruidvat I came across these fake lashes from Ardell: am I just as bad with these ones as I am with the other ones? Or can I make this pair work?

    Ik ken de wimpers van Ardell via alle beauty-bloggers en -YouTubers die er altijd zo enthousiast over zijn. Het lijken bijna wel de klassiekers onder de valse wimpers. De Demi Wispies moet wel hun bekendste paar zijn omdat ze zo mooi natuurlijk ogen en toch nog genoeg opvallen. Bij Kruidvat vind je van hetzelfde merk ook de ‘natural’ wimpers die uit fijnere haartjes bestaan dan het paar dat ik heb en de gewone ‘wispies’ die langere wimpers heeft. Dit setje wimpers bevat ook een kleine tube wimperlijm dus die moet je er niet extra bij kopen. De tube kan ook weer afgesloten worden om een volgende keer nog eens te gebruiken en dat vind ik heel handig. Je hebt immers maar een klein beetje lijm nodig voor elke wimper.

    I know the Ardell lashes through all of the beauty bloggers and YouTubers that can’t stop talking about them. They almost seem like the OG of the false lashes. The Demi Wispies have to be their most famous pair because they look natural yet stand out enough. At Kruidvat you can find several different kinds of lashes such as the ‘natural’ ones with finer hairs than the pair I have and also the regular ‘wispies’, which have longer hairs. This set also comes with a little tube of eyelash glue so you don’t have to get an extra one. The tube of glue can be closed again so you can use it again the next time you apply the lashes. This is very convenient because you only need a little bit of glue for each lash.

    Laten we nu dan maar meteen overgaan naar het resultaat: zijn deze wimpers handiger in gebruik dan de andere die ik al heb gebruikt? Het antwoord is absoluut ja! Ik heb de wimpers nu twee keer geprobeerd (je kan ze inderdaad gewoon opnieuw gebruiken) en het gaat elke keer iets sneller en beter. Het is in het begin altijd wat prutsen om de wimpers in de juiste positie te krijgen, maar bij het tweede gebruik ging dit al bijna meteen goed. Op de bovenstaande foto kan je zien wat een verschil de nepwimpers maken en je ziet duidelijk hoe mijn wimpers er op een vrij natuurlijke manier veel voller uitzien. De valse wimpers zijn in mijn ooghoek wat korter en minder dik, en worden dan dikker en langer naar de buitenkant van mijn ogen. Ik hou niet van te opvallende wimpers, dus ik ben blij dat ik deze subtielere variant heb gekocht.

    De nepwimpers zelf zijn ook verrassend comfortabel. Je voelt ze in het begin natuurlijk wel vrij hard zitten, maar als je ze even op hebt voel je ze bijna niet meer. Ze irriteren of jeuken niet en voelen ook niet zwaar aan op mijn oogleden. Ik was bang dat ze misschien lastig zouden zitten als ik mijn bril opzette, maar dat is helemaal niet het geval. Ze zijn kort genoeg om mijn brilglazen niet te raken, weeral een pluspunt!

    Let us now talk about the results: are these lashes easier to use? The answer is definitely yes! I’ve worn these lashes twice now (you can use them again) and it goes a bit faster and a bit better each time. It always takes a bit of getting used to in the beginning, but I could position them perfectly almost immediately the second time I put them on. On the picture above you can see the difference between just mascara and mascara with the lashes. My lashes look a lot fuller in a very natural way. The fake lashes are a lot thinner and shorter in my inner corner and get gradually fuller and thicker towards the outer corner of my eye. I don’t like lashes that are too obvious, so I’m glad I purchased the slightly more subtle set.

    These fake lashes are also surprisingly comfortable. You can obviously feel them when you’ve just put them on, but after a little while you can hardly feel them anymore. They also don’t itch or irritate my eye and they aren’t heavy on the eyelids either. I was afraid the lashes might be uncomfortable when I was wearing my glasses, but that’s not the case. They’re short enough so that they don’t touch the lenses of my glasses, another big plus!

    Op deze foto zie je hoe de valse wimpers er uitzien bij de rest van mijn makeup. Ik ga ze zeker niet elke dag dragen, maar voor een feestje of een retro-look vind ik ze wel heel leuk. Ze laten je ogen net iets meer opvallen en geven toch een zacht resultaat. Ik ben er heel tevreden mee! Deze week loopt bij Kruidvat een actie waarbij je bij aankoop van een setje Ardell wimpers een tweede setje gratis krijgt, dus dat is zeker eens de moeite om te bekijken. De wimpers kosten net geen zes euro per set.

    On this picture you can see how the lashes look with the rest of my makeup. I definitely won’t be wearing these every day, but I do like them for a party or when I want a very retro look. They make your eyes stand out just that little bit more and still give a soft result. I’m very happy with them! This week there is a sale at Kruidvat with which you get one set of lashes for free when you buy one, so that’s definitely worth checking out. The lashes cost just under six euros per set.

  • Outfit

    A 1940s Schoolgirl

    Het artikel van vandaag is een beetje anders dan gewoonlijk. In het vorige artikel dat ik postte vertelde ik al dat ik de laatste tijd samen met mijn vriend analoge fotografie aan het uitproberen ben. Laatst nam hij een paar foto’s van een retro outfit die ik aanhad, en ik vond de foto’s achteraf zo leuk dat ik heb besloten om ze voor een outfit-artikel te gebruiken!

    Today’s article is a bit different from my usual articles I post. In the last article I wrote I told you more about the analog photography I’ve been testing out with my boyfriend and a little while back he took some pictures of a retro outfit I was wearing with one of his analog cameras. When I saw the pictures I thought they looked very nice so I decided to use them for an outfit article!

    ik ben een enorme fan van damesbroeken uit de jaren 40. Ze hebben een hoge taille, zijn elegant en zitten heel comfortabel. Het jammere is dat ze vaak heel moeilijk te vinden zijn. Als ik dan in een gewone kledingwinkel toevallig langs een heel retro-broek kom word ik gelijk helemaal blij! Deze leuke geruite broek vond ik bij Primark, niet meteen de eerste winkel waar ik zou kijken voor zo’n broek. Ik stelde de rest van de outfit samen op basis van foto’s uit de jaren 40 die ik op het internet vond. In de jaren 40 droegen de meeste vrouwen rokken en jurken, maar lange broeken werden ook steeds populairder en werden vaak gecombineerd met een blouse. Outfits als deze laten zien dat een broek ook stijlvol kan zijn en ook vrouwelijk.

    I adore women’s trousers from the 1940s. They are high-waisted, elegant and very comfortable. The sad thing is that they’re often very difficult to come across. Whenever I then happen to find some vintage inspired trousers in a modern fashion store I get really excited! I found these amazing checkered trousers at Primark, definitely not the first store I would have a look to find something like this. I styled this outfit based on some pictures from the 1940s you can find on the internet. In the 40s, most people still wore skirts and dresses, but trousers became more and more popular and were often worn with a blouse. Outfits like this one show that trousers can be stylish and feminine.

    De broek in combinatie met de blouse voelde nogal stoer jaren 40 aan, dus besloot ik om met mijn haar een voor mij nieuw kapsel te maken. Ik heb ‘Betty bangs’ (een korte, rechte pony, geïnspireerd op de pin-up Betty Page) altijd ontzettend mooi gevonden, maar het lijkt me een te grote opgave om het altijd in model te stylen en te trimmen. Een makkelijk alternatief zijn dan de ‘bumper bangs’, een pony die eruitziet als echte Betty bangs, maar waarvoor je je haar niet hoeft te knippen. Je maakt dit kapsel door de voorste plukken van je haar gewoon zo op te rollen of het rond zo’n doorgeknipte ‘donut’ waarmee je een dot maakt te rollen. Het kapsel is een beetje lastig om helemaal goed te krijgen, maar met een beetje oefening moet het wel lukken.

    De rest van de outfit is vrij simpel en bestaat uit allemaal stukken die ik regelmatig draag. De bril is mijn dagelijkse bril, de oorbellen zijn vintage en draag ik heel vaak bij retro outfits, en de schoenen zijn comfortabele veterschoentjes die je, ondanks hun felle kleur, toch bij outfits kan dragen. Ik ben heel erg blij met deze foto’s, want het zijn de enige vier foto’s die mijn vriend analoog heeft genomen en ze zijn allemaal leuk en scherp. Analoge fotografie is natuurlijk altijd een beetje spannend, en net dat heeft zo zijn charmes 😉

    I thought the combination of the trousers and the blouse felt kind of tough 1940s, so I decided to pair it with a hairstyle I hadn’t tried before. I’ve always loved the way ‘Betty bangs’ (short, straight bangs inspired by the pin-up Betty Page) looked, but it seemed like too much of a hassle to style and trim every time. An easy alternative for such a hairstyle are ‘bumper bangs’, bangs that look like proper Betty bangs, but that don’t require you cutting your hair. You can create this hairstyle by taking the front pieces of your hair and either roll them up by hand or roll them around a ‘bun maker’ (a hair donut you cut in half or something similar). It isn’t an easy hairstyle to manage at first, but you should get the hang of it with a bit of practise.

    The rest of the outfit is quite simple and consists of items I wear quite regularly. The glasses are my favourite pair that I wear all the time, the earrings are vintage and are worn with a lot of retro outfits and the shoes are comfortable lace up shoes that, even though they’re quite bright, go with a lot of different outfits. I’m very happy with how these pictures turned out, because they’re the only pictures my boyfriend took and they’re all fun and in focus. Analog photography is always exciting and that’s exactly what makes it so much fun 😉

    Shirt – Zeeman | Trousers – Primark | Shoes – Raxmax | Earrings – vintage | Glasses – Polette

  • Loving

    Trying analog photography for the first time!

    Iedereen die me een beetje kent weet dat ik hou van alles wat vintage is. Analoge fotografie wou ik al jaren uitproberen, maar het was er nog nooit van gekomen. Samen met mijn vriend kocht ik deze zomer een filmrolletje en ging op pad met een oude analoge camera van mijn vader. Het resultaat kan je in dit artikel zien!

    Everyone who knows a little about me, knows that I love anything vintage. Analog photography is something I had been wanting to try out for a couple of years, but I’ve never gotten around to it. Together with my boyfriend I bought a roll of film and we went out to try out our new (old) cameras. You can see the results from our trip in this article!

    Mijn vader heeft vroeger kunst gestudeerd, en daarvoor had hij een camera nodig. Hij heeft zijn camera netjes bijgehouden in een cameratas, en ik wou hem al langer eens uitproberen. Omdat ik niet genoeg wist over analoge fotografie liet ik de camera altijd maar netjes in de cameratas zitten, maar enkele maanden geleden besliste ik toch om eens wat uit te proberen. Mijn vriend had op een rommelmarkt ook een analoge camera gevonden en samen gingen we op pad. Het is altijd een verrassing of een oude camera nog werkt. De lichtmeter zou stuk kunnen zijn of er zou te veel stof in de camera kunnen zitten. Gisteren ging ik mijn ontwikkelde foto’s ophalen en ze waren gewoon gelukt!

    De camera waarmee ik alle foto’s heb genomen is een Chinon CM-4s, een camera uit begin jaren 80. De camera is vrij licht en niet heel groot, heel handig om mee te nemen! Het grootste raadsel bij deze camera was of de lichtmeter nog correct werkte. De Chinon is voorzien van een lampje dat groen oplicht bij de juiste instellingen en rood bij over- of onderbelicht. Als je wat van fotografie kent weet je dat je belichting moet aanpassen met de sluitertijd en het diafragma. Bij moderne camera’s gaat dit allemaal automatisch, maar bij analoge fotografie moet je dit zelf correct instellen. Het is een beetje wennen en niet zo makkelijk, maar na een tijdje begin je het wel te snappen.

    My father studied art when he was younger, and for that he needed a camera. He always stored his camera nicely in a bag, and I had had my eye on it for quite a while. Because I didn’t know enough about analog photography yet I left the camera in the bag, but a couple of months ago I decided I really wanted to try it out after all. My boyfriend had also found an analog camera (on a flea market) and together we went on a little stroll. It’s always a surprise to find out whether an old camera still works. The light meter could be broken or there could be too much dust inside the camera. Yesterday I picked up my developed pictures and they actually turned out really nice!

    The camera I took pictures with is a Chinon CM-4s, a camera from the beginning of the 80s. The camera is quite light and compact, so it’s perfect to take with you. The biggest question with this camera was whether the light meter still worked. The Chinon comes with a light next to the viewfinder that lights up green when you have chosen the right settings and red when it’s over- or underexposed. If you know a little bit about photography you know that you can adapt the lighting by playing around with the shutter speed and the diaphragm. This all goes automatically with new and modern cameras, but you need to do all of this manually with older cameras. It takes a bit of getting used to, but you’ll get the hang of it after a while.

    Ik heb mijn camera gedurende een paar maanden meegenomen op uitstapjes. Zo gingen we bijvoorbeeld naar Antwerpen om foto’s te nemen of maakten we een wandeling. Je moet ook goed in je achterhoofd houden dat je met een standaard filmrolletje maar 24 foto’s kan trekken (met een groter rolletje 36) en dat zijn absoluut niet veel foto’s. Als je een analoge camera bij je hebt merk je al snel dat je over elke foto beter gaat nadenken en niet meer zomaar van alles een foto neemt.

    Wat het hele fotograferen nog spannender maakt is dat je pas weet hoe je foto’s eruit zien nadat je het filmrolletje hebt laten ontwikkelen. Je trekt dus met andere woorden alle 24 foto’s, je haalt het rolletje uit je camera, stuurt het op naar een fotoservice, je wacht een tweetal weken, en dan kan je pas het resultaat zien. Helemaal anders dan de foto’s van vandaag die bijna meteen op social media staan, maar ik vind het stiekem veel leuker 😉

    I took my camera with me on outings for a couple of months. We went to Antwerp to take pictures and we went on a walk. With analog photography you really have to keep in mind that a standard roll of film only comes with 24 pictures (a bigger one with 36) and that aren’t a lot of pictures at all. You have to really think about the pictures you take and you’ll find that you don’t just take pictures of everything you see.

    What makes analog photography even more exciting is the fact that you only knwo what your pictures look like after you’ve had it developed. YOu take the 24 pictures, you take the film out of your camera, you send it to some kind of photo service, you wait about two weeks, and then you can see the results. It’s completely different form today’s photography with pictures that are posted on social media almost instantly, but I kind of like this better 😉

Email
Facebook
Instagram